Onderzoeksraad: 7.000 kinderen onveilig in asielnoodopvang
Er verblijven minstens 7.000 kinderen in Nederland in een asielnoodopvanglocatie onder omstandigheden die niet veilig zijn en hun ontwikkeling kunnen schaden. Dat concludeert de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV) na ruim twee jaar onderzoek. De raad spreekt van ‘structurele verwaarlozing’ en roept de overheid op om binnen zes maanden de situatie voor kinderen te verbeteren.
Kinderen in de noodopvang hebben onder meer te maken met een gebrek aan privacy, geen of weinig speelvoorzieningen, onveilige situaties en veel verhuizingen. Sommige kinderen verhuizen meerdere keren per jaar, met uitschieters tot wel tien keer. Ook hun toegang tot onderwijs en medische zorg kan daardoor worden onderbroken. Noodopvang was bedoeld als tijdelijke oplossing, maar inmiddels bestaat ruim 60 procent van de opvanglocaties uit noodopvang.
Kinderrechten worden onvoldoende beschermd
De Onderzoeksraad concludeert dat de omstandigheden in de noodopvang niet voldoen aan de waarborgen uit het VN-kinderrechtenverdrag. Kinderen hebben recht op een veilige omgeving waarin zij kunnen opgroeien en zich kunnen ontwikkelen. Ook hebben zij recht op onderwijs, gezondheidszorg, privacy en bescherming tegen geweld.
Die rechten gelden voor ieder kind. Dus ook voor kinderen die in de asielnoodopvang wonen. Volgens de Onderzoeksraad is de overheid er met de huidige aanpak onvoldoende toe in staat om die verantwoordelijkheid waar te maken.
Zo slapen kinderen op sommige locaties in ruimtes waar ze dingen horen die een kind niet hoort te horen, waardoor ze slecht slapen en angstig kunnen zijn. Ook eten ze niet altijd voldoende, gezond en afwisselend en is er niet op elke noodopvanglocatie een plek waar kinderen veilig kunnen spelen. De Onderzoeksraad benadrukt daarnaast dat kinderen het risico lopen om geconfronteerd te worden met fysiek of zelfs seksueel geweld. De situatie is zo ernstig dat kinderen risico lopen op ernstige ontwikkelingsschade. Artsen en organisaties waarschuwen hier al langer voor.
De politiek is aan zet
De Onderzoeksraad is duidelijk over de oorzaken van de problemen. De onveiligheid is volgens de raad niet het gevolg van een crisis die Nederland overkomt. Bestuurlijke keuzes en het steeds opnieuw inzetten van crisismaatregelen houden de problemen in stand.
De oplossing ligt daarom niet alleen bij het COA en de mensen die op opvanglocaties werken. De Onderzoeksraad benadrukt juist dat professionals zich iedere dag inzetten voor kinderen, maar de problemen binnen het huidige opvangsysteem niet zelf kunnen oplossen.
Defence for Children Nederland roept samen met de andere organisaties van werkgroep kind in azc op tot een gezamenlijke aanpak. Verschillende ministeries, gemeenten, provincies en uitvoeringsorganisaties moeten samen verantwoordelijkheid nemen om kinderen nu veilig op te vangen én te zorgen voor voldoende goede opvangplekken voor de lange termijn.
Defence for Children Nederland zet zich binnen werkgroep kind in azc al jarenlang in voor betere opvang voor kinderen. Veel van de problemen die de Onderzoeksraad beschrijft, ziet de werkgroep al langer in de praktijk. Het rapport laat opnieuw zien hoe belangrijk het is dat de rechten en belangen van kinderen vooropstaan.